Nationaal Waterstof Programma aangeboden aan Staatssecretaris Yeşilgöz-Zegerius

Nieuwsbericht |
TKI Nieuw Gas
|
NWP aangeboden

Staatssecretaris Yeşilgöz-Zegerius heeft woensdag 9 juli het Nationaal Waterstof Programma in ontvangst genomen. Het doel van het programma is om de bijdrage van waterstof aan de energietransitie en het behalen van de klimaatdoelstellingen in 2030 en daarna te realiseren. Deze afspraak komt voort uit het Klimaatakkoord.

Breed draagvlak
Afgelopen maanden werkte een cross-sectorale werkgroep waterstof (CSWW), in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, aan dit werkplan voor de periode 2022-2025, met een doorkijk naar 2030. De CSWW is samengesteld uit 19 organisaties; een brede groep aan stakeholders zodat er een breed draagvlak ontstaat en het werkplan in gezamenlijkheid kan worden uitgevoerd. De werkgroep heeft de kabinetsvisie en de beleidsagenda van de rijksoverheid in een bredere context geplaatst. Jörg Gigler, voorzitter CSWW: “Met dit werkplan kan gericht uitvoering worden gegeven aan de grote ambities én benutting van kansen die Nederland heeft op het terrein van waterstof. Tegelijkertijd draagt het bij aan het realiseren van onze klimaatambities. We waren al begonnen met waterstof; met dit werkplan in de hand gaan we opschalen. ”
 

Focus op drie sporen
De werkgroep adviseert om de uitvoering van het werkplan te concentreren op drie sporen: ontwikkel grootschalig voor de industrie, decentraal voor de regio en organiseer de randvoorwaarden. De grootschalige ontwikkeling betreft de snelle opschaling van de offshore-productie die ingezet kan worden in de vijf industrieclusters, het zware transport en in havens. Naast de eigen waterstofproductie is import van belang, evenals de doorvoer naar onze buurlanden. De decentrale waterstofproductie wordt gekoppeld aan lokale opwekking van duurzame elektriciteit, aan de toepassing in zwaar transport, logistiek en mobiliteit en op termijn aan de gebouwde omgeving. Op lokaal niveau kan waterstofproductie helpen om congestieproblemen in de elektriciteitsinfrastructuur te verminderen. De randvoorwaarden om beide sporen mogelijk te maken betreffen thema’s zoals wet- en regelgeving, veiligheid, maatschappelijke inbedding, certificering en ontwikkeling en organisatie van de maakindustrie.

Lees hier het volledige werkplan.