GBM works - Een stille en krachtige installatietechniek voor monopiles

Nieuwsbericht |
TKI Wind op Zee
|
Afb

GBM Works heeft een stille en krachtige installatietechniek voor XXL-monopiles ontwikkeld. “Het bouwen van windparken gaat met veel lawaai gepaard”, aldus Ben Arntz. “Wij willen duurzame energie ook op een duurzame manier aanleggen. Dat betekent stiller en, met het oog op de steeds grotere windturbines, ook toekomstbestendig.”

Vanwege de geluidsoverlast voor het zeeleven en kustbewoners moeten rondom de traditionele heimachines grote geluidsschermen worden geplaatst. Een tijdrovende en kostbare operatie.  Die overlast neemt alleen maar toe met de komst van steeds meer XXL-windturbines. Het alternatief, de inzet van trilhamers, is weliswaar stiller en sneller maar ook minder krachtig. Bij compacte zand- of kleilagen is een bovenmatige hoeveelheid kracht nodig om de paal naar de gewenste diepte te drijven. Of, wat waarschijnlijker is, de machine hapert op een onvoorspelbaar moment.

De Vibrojet ontleent zijn kracht aan een unieke combinatie van trilaandrijving en waterinjectie. Onderaan de binnenzijde van de monopile wordt zeewater gespoten. Het zand of de klei wordt daardoor vloeibaar, waardoor de wrijving tijdelijk vermindert. Met de trilhamer wordt tegelijkertijd de monopile de bodem ingedreven. Als de monopile eenmaal geïnstalleerd is, zakt de grond in de binnenkant weer op zijn plek. Aan de buitenzijde blijft de grond ongemoeid. Het zijdelings draagvermogen is daardoor vergelijkbaar met een trilhamer. Dat is belangrijk omdat een monopile vooral te lijden heeft van zijwaartse belasting van golven, stroming en wind.

Arntz: “We zijn vanaf niets, zonder enige voorgeschiedenis, begonnen in een markt die tamelijk conservatief en risicomijdend is. Je ziet nu een breed gedragen verandering op gang komen, waarbij ook grote partijen als DEME Offshore, Eneco en Shell aanhaken. Dat is heel bijzonder.” De nieuwe technologie werpt vooral zijn vruchten af voor de bouwers van offshore windparken. De geluidsoverlast is minimaal waardoor geen geluidsschermen nodig zijn. Dat bespaart aanzienlijk op kosten, tijd en milieuschade. Omdat de vermoeiing dankzij deze installatietechniek ook stukken lager is, kan de monopile naar schatting 10% lichter worden. En dat mondt uit in lagere kosten van de monopile en de installatie daarvan. Volgens de berekeningen kan de kostenreductie per MW geïnstalleerd vermogen oplopen tot 12,5 procent van de funderingsomvang.

GBM works wil dat de technologie ten goede komt aan álle marktpartijen en participeert daarom in gemeenschappelijke onderzoeksprojecten. “We stimuleren de energietransitie door barrières die klanten ervaren, weg te nemen. Nu mogen ze soms een heel seizoen niet werken vanwege de geluidsoverlast. Met onze techniek kunnen ze het hele jaar door monopiles installeren. Dat maakt de hele energietransitie sneller, makkelijker en goedkoper.”

Het bedrijf is in 2017 begonnen met de ontwikkeling. Simulatiemodellen, laboratoriumexperimenten en testen hebben aangetoond dat de methode snel en effectief werkt. De techniek is nu zover dat GBM Works schaalproeven in gecombineerde bodems, met klei en zand, kunnen uitvoeren. Het bedrijf verwacht de Vibrojet in 2025 op de markt te kunnen brengen.

GBM Works is één van de drie genomineerden voor de Offshore Wind Innovators Award 2021. Wil jij graag bij de uitreiking van de jury- en publieksprijs zijn? Schijf je in voor ons live (en online) event op 22 maart in Rotterdam.

Schrijf je hier in