Energietransitie en economie zijn een ijzersterk duo

Nieuwsbericht |
Topsector Energie in gesprek
TKI Urban Energy
Systeemintegratie
|
sinke

Topsector Energie in gesprek met Wim Sinke. Hij is al tientallen jaren prominent lid van de Nederlandse en ook internationale onderzoeksgemeenschap voor zon-PV. Hij was oud-directeur TKI Solar Energy, is hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam en is hoofdonderzoeker en programmacoördinator Zonne-energie bij TNO (voorheen ECN). ECN (daarna TNO) was in acht jaar Topsector Energie betrokken bij zo’n zeventig projecten binnen het kennisnetwerk Zon-PV.

“Onze rol op het gebied van innovatie van zon-PV is groter dan je mag verwachten op basis van de grootte van Nederland. Op sommige aspecten zitten we echt in de mondiale kopgroep.” Wim Sinke kan dat als geen ander beoordelen: “De internationale concurrentie op dit gebied is moordend. Ik realiseer me dat ik dan een dubbele pet op heb: als oud-directeur van de het Topconsortium Solar Energy en als uitvoerder van projecten. Maar mede dankzij de strategie in de Topsector hebben we veel vooruitgang op het gebied van technologie kunnen boeken, in zowel siliciumcellen als dunne films en tandems (silicium en dunne films). We zijn in Nederland expert in onderzoek en industriële toepassing van geavanceerde processen. In depositietechnologieën zoals plasma enhanced chemical vapor deposition, atomic layer deposition en, meer recent, pulsed laser deposition zetten wij internationaal de toon.”

“Samenhang en samenwerking tussen universiteiten, organisaties voor toegepast onderzoek, mkb, grote bedrijven en eindgebruikers: dat is onze kracht”

Innovatie is altijd ontstaan omdat binnen het zon-PV ‘ecosysteem’ verschillende lijnen liepen. Sinke beschouwt dat als belangrijke voorwaarde voor verdere innovatie. “Samenhang en samenwerking tussen universiteiten, organisaties voor toegepast onderzoek, mkb, grote bedrijven en eindgebruikers: dat is onze kracht. Bedrijven en onderzoek zoeken elkaar op, daaruit hebben we belangrijke lessen geleerd. Belangrijk was ook dat de Topsector zich richtte op zowel de energietransitie als de economie. De onderzoeksagenda en de bijbehorende financiering werden daarvoor ingezet. Zo is ook zoiets als het Silicon Competence Centre ontstaan. De Topsector stimuleert dat, en de beloning is er ook. En ik moet zeggen: die systematische aanpak is met zijn continuïteit effectiever gebleken dan de losse projecten die Europese fondsen in dit veld hebben kunnen bieden.”

Concurrenten

Door die structurele samenwerking ziet Sinke dat de innovatievragen van bedrijven voor de korte en langere termijn goed in beeld konden worden gebracht. “Daar kunnen de technologische instituten en universiteiten dan weer goed mee uit de voeten.”

Opvallend is dat er verschillende projecten onder de Topsector zijn aan te wijzen waarin Nederlandse concurrenten samen deelnemen. Bijvoorbeeld in coatingstechnologie groeide zo ook de bedrijvigheid in Nederland. “Het is waar: bedrijven delen hun kennis niet gemakkelijk. Maar bedrijven weten ook dat de belangrijkste concurrentie in het buitenland zit. De voordelen van samenwerking binnen Nederland zijn dan groter dan de vermeende nadelen. Er is ook vertrouwen gekweekt om van elkaar te leren. Tegelijk zijn we natuurlijk goed in staat geweest om formeel te regelen wat je wel deelt en wat niet, hoe je de frontoffice organiseert en hoe de backoffice, om het zo te zeggen.

Economie

Om de sterke positie in de wereld van de zon-PV te behouden ziet Sinke wel een aantal voorwaarden. “Laten we ons in de missiegedreven aanpak die nu leidend is niet alleen richten op de energietransitie binnen Nederland en het Klimaatakkoord, maar ook op de economie. Dat doen landen als Frankrijk of Duitsland ook. Ja, dus het aansturen op ambitieus industriebeleid om bij de kopgroep te horen, onder meer voor wat betreft de zogenaamde strategische waardeketens. Brussel zet daarbij de toon. Kijk maar naar wat er de afgelopen tijd op EU-niveau gebeurde, zoals de Green Deal van Frans Timmermans, het EU Recovery Package, Solar Manufacturing Accelerator en het European Solar Initiative.”

"Sinke heeft zorgen: “Succes staat of valt met continuïteit in onderzoek en ontwikkeling. Dat is cruciaal voor alle betrokkenen in zo’n traject, van promovendi bij universiteiten tot bedrijven in de toepassing”

Sinke heeft wel zorgen. “De vormgeving van het nieuwe missiegedreven innovatiebeleid is nog niet zoals het mijns inziens zou moeten zijn. Het is echt een gemiste kans als we zouden blijven steken in een systeem voor losse, zelfs grote, projecten om technologie telkens een niveautje hoger op de TRL-ladder te tillen. Dan loop je het risico dat er gaten vallen in de ontwikkeling. Succes staat of valt met continuïteit in onderzoek en ontwikkeling. Dat is cruciaal voor alle betrokkenen in zo’n traject, van promovendi bij universiteiten tot bedrijven in de toepassing.”

Maakindustrie

Het leeuwendeel van de zonnepanelen én een steeds groter deel van de apparaten om die te fabriceren zijn inmiddels afkomstig uit China. “Maar om optimaal te profiteren van de enorme markt voor zon-PV die ontstaat en om een nieuwe vorm van energieafhankelijkheid te voorkomen is het belangrijk om die maakindustrie in Nederland en Europa weer op te bouwen. Het Nederlandse missiegedreven energie-innovatiebeleid is daarop nog niet gericht. Dat betreur ik, want klimaat en economie zijn beide enorm belangrijk en hebben baat bij een geïntegreerde aanpak. Gelukkig zie ik in Europa een duidelijke herwaardering van het tweesporenbeleid dat we kenden van de Topsector Energie. Ik denk dat Nederland zal volgen.”

“Het toverwoord bij innovatie lijkt tegenwoordig vaak 'doorbraaktechnologieën’. We moeten ons echter realiseren dat de meeste innovatie zit in de bouwstenen die we in essentie al kennen, zoals zonnecellen. Zonnecellen zijn de doorbraak. Die moeten we verder perfectioneren en daarbij staan we nog maar aan het begin. Spectaculaire technologische verbeteringen en wetenschappelijke vindingen zullen ons versteld doen staan. Natuurlijk sluit ik totale verrassingen in energietechnologie niet uit, daarvoor moet ook ruimte zijn. Laten we bijvoorbeeld 80 tot 90% van onze inspanningen richten op structureel verbeteren van bestaande opties en 10 tot 20% vrijheid bewaren, voor het onderzoeken van de verrassende ideeën. Zonne-energie, in al zijn directe en indirecte vormen zoals windenergie, is en blijft echter de belangrijkste hernieuwbare bron van energie voor de aarde, daarvan ben ik overtuigd. En zonne-energie is nog lang niet uitontwikkeld.”

TNO-webinars over zonne-energie voor niet-specialisten: